Nieuw elan

Het is zondagmorgen, de laatste dag van de kerstvakantie, en ik moet nog aan mijn column beginnen. We zouden eigenlijk een wandeling gaan maken op Marken, zowat het enige nog mogelijke uitje in lockdown. Maar het is koud buiten en het regent en ja, ik moet mijn tekst nog schrijven dus we gaan toch maar niet. Ik lees wat stukjes terug, van een jaar geleden en ook nog van 2020. Hoe stond mijn leven er toen voor? Wat maakte ik allemaal mee in de beginweken van een nieuw jaar, met het idee van een nieuwe ronde, nieuwe kansen. Met nieuw elan, waar onze zichzelf repeterende, zich telkens opnieuw uitvindende premier de mond vol van heeft.

Stroomde er maar wat nieuw elan door míjn aderen! Ook ik zie het leven graag door een roze gekleurde bril, vooral na twee weken van vrijwel niets ondernemen. Maar er is nu eenmaal niet zo veel om gretig naar uit te kijken of om vol bezieling op te focussen. Morgen weer werken, maar dat moet dan nog steeds gebeuren achter de verstelbare campingtafel op de logeer/strijk-wasgoedkamer waar de inspiratie ver te zoeken is. Oké, in de aankomende week zal onze nieuwe badkamer gereed komen, een lichtpuntje in donkere tijden. Ik las in mijn column-archief dat de plannen voor realisatie hiervan twee jaar geleden al op tafel lagen. Maar een stuk of wat lockdowns met sluiting van niet-essentiële winkels kwam ertussen en online tegels uitzoeken zag ik niet zo zitten. Die moet je in het echt kunnen zien, eroverheen aaien en op je in laten werken. En dat geldt voor mij niet alleen voor tegels, maar ook voor kleding, boeken (Aah, ruik eens aan de bladzijden van een nieuw boek!) en wat je al niet meer in echte winkels kan kopen. Zo bestelde ik online als kerstcadeautje een kandelaar waarvan ik bij uitpakken dacht: wat is dit voor een raar prul! Deze lijkt in de verste verte niet op het exemplaar van de foto op de website.

Gelukkig mag je alles wat je online bestelt ook weer retourneren en creëren we meer dan voldoende werk voor arbeidsmigranten die aan de lopende band de pakketjes weer mogen uitpakken en de formulieren met redenen van terugzenden – ‘te groot, te klein, niet wat ik ervan verwacht had’ – op een stapel leggen voor de Klantenafdeling. Laatst vroeg een pakketjesbezorger met hele hoge nood of hij alstublieft even van ons toilet gebruik mocht maken. Ik had hem met liefde ook nog een kop koffie aangeboden en zelfs het logeerbed met een plaidje om het moede lijf te rusten te leggen, al was het voor een half uurtje. Maar daar had hij natuurlijk geen tijd voor gehad, hij moest door en door met de volgende pakketjes die hoogstwaarschijnlijk weer teruggestuurd zouden worden, als satellieten in een immens en oneindig universum van doelloze dingen.

Precies dat is wat mij zo sombert in deze eerste dagen van januari. Het gevoel van doelloosheid. Het ontbreken van het nut der zaken die iedere keer weer terugkomen op de kalender van het leven. Maar misschien heb ik het wel mis en heeft de mensheid de maand januari gewoon hard nodig. Een maand om de oude huid af te werpen en om een volgende schil van de ui te pellen. Totdat we bij de ware klare kern zijn aanbeland.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *