De G van Goddelijk

Iedere week, wanneer ik aan een nieuwe column begin, lees ik eerst terug wat ik vorig jaar rond deze tijd aan het papier toevertrouwde. Ik kan het nu mooier maken dan het is. Opwindend en meer spannend, kleurrijker misschien, maar vorig jaar was het eigenlijk veel van hetzelfde. Ook in 2020, midden december, was ik ongeveer in dezelfde state of being. Ook toen was het buiten grijs en miezerig, stond de kerstboom uiteraard al rechtop en voerden mijn man en ik bij het optuigen daarvan dezelfde discussie: volgend jaar toch maar weer een echte boom? Ik vind de bomen bij mijn jongste zus en middelste dochter namelijk vele malen mooier want ze zijn puur natuur en ruiken zo heerlijk naar hars en openhaardvuur. Maar ik weet dat we eind 2022 weer hetzelfde kunstboompje van zolder halen want ik snotter nu al vele papieren zakdoekjes vol dankzij het kerststukje op tafel, met naturel dennentakken opgemaakt.

Of zou ik soms verkouden aan het worden zijn? Of dan toch eindelijk besmet zijn geraakt door het Corona-virus? Behalve het snot voel ik me best wel prima, geen verstopte holtes of pijn in mijn keel. En ondanks het snot ruik ik nog de heerlijke geur van kaneel in de stoofpeertjes die staan te pruttelen – pttuh, pttuh – en proef ik de cacao en wat voor geheime ingrediënten ze nog meer in die gruwelijk lekkere sint- en kerstletters stoppen waarvan ik mezelf de G van Goddelijk cadeau heb gedaan. Kom ik als vanzelf op het adagium ‘je moet jezelf kietelen, want een ander doet het niet’. Zo kocht ik afgelopen week ook het nieuwste boek van Jonathan Franzen om een lange kerstvakantie door te komen én een fles duurdere maar bijzonder smaakvolle olijfolie. “Is het een cadeautje?” zo vroeg men bij de kassa in de boekhandel en keukenwinkel. ‘Ja, voor mezelf’, luidt dan het standaard antwoord en ‘nee, het hoeft dus niet ingepakt’. Om jullie eerlijk te zeggen vind ik die cadeautjes aan mezelf bijzonder bevredigend. Ik heb ze zelf uitgezocht, wil deze spullen erg graag hebben en ze geven me iedere keer weer het gevoel dat ik het waard ben. Maar die cadeautjes aan jezelf hoeven heus niet allemaal materiële spullen te zijn! Laten we het beest in de bek kijken: als je zoals ik volgende maand 62 jaar wordt, heb je toch wel zo’n driekwart van je leven achter de rug. En probeer ik in de herfsttij van mijn bestaan mezelf iedere dag een beetje te verwennen. Ik staar eens wat langer dan 10 seconden uit een raam, ik ga de deur uit voor een wandeling terwijl er nog uren aan strijkwerk ligt. Ik zeg vaker ‘nee, liever niet’ wanneer ze me vragen voor een uitje of een vergadering of een klusje zus of zo.

Begrijp me goed: aardig zijn voor jezelf is iets heel anders dan eigenliefde of narcisme waarbij men verheerlijkt in de spiegel kijkt en hardop denkt: ‘Goh, wat ben ik toch geweldig! Wat ben ik toch perfect bezig in mijn eigen wereldje waarin de meeste anderen zo inferieur aan het aanmodderen zijn’. Je moet eerst het reddingsvest over je eigen hoofd aantrekken voordat je een ander kan helpen. Je moet eerst van jezelf durven te houden voordat je een ander oprecht en onvoorwaardelijk kan liefhebben.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *